Interview

Sandra over haar werk als obstetrieverpleegkundige

Auteur:
Hannah van Teeffelen

Sandra Jonker (58) werkt al 23 jaar als obstetrieverpleegkundige. Wat komt ze tegen in haar dagelijkse werkzaamheden? Wat is het verschil tussen eerstelijns- en tweedelijnszorg? En wat zijn de innovaties op het gebied van pijnmedicatie? Op deze en andere vragen geeft Sandra Jonker antwoord in dit blog.

Obstetrie en gynaecologie

“Sandra is ruim dertig jaar geleden begonnen met de opleiding tot algemeen verpleegkundige en daarna doorgestroomd naar de opleiding tot obstetrie- en gynaecologieverpleegkundige. “Obstetrie is de medische wetenschap die zich bezighoudt met zwangerschapsaandoeningen en bevallingsproblematiek. Gynaecologie staat voor vrouwenziektes. Toen ik de opleiding begon waren deze twee takken gecombineerd, maar tegenwoordig is dit gescheiden.”

sandra jonker

“Dit komt mede door de ontwikkelingen in de gynaecologie, waarbij operaties op een andere manier worden uitgevoerd en de patiënten op een chirurgische afdeling liggen. Niet alleen de gynaecologie heeft zich ontwikkeld, ook de obstetrie, ofwel de verloskunde, heeft stappen gemaakt. Zo is er bijvoorbeeld een vrouw-, moeder-, kindcentrum gekomen in het ziekenhuis”.

Ik vind obstetrie een prachtig vak.

Verschil tussen eerstelijns- en tweedelijnszorg

Binnen de obstetrie is er een verschil tussen eerstelijns- en tweedelijnszorg. “In de eerstelijnszorg kom je vooral bij patiënten thuis”, vertelt Sandra. “Het gaat dan om praktijkgerichte zorg bij zwangerschappen die goed verlopen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld zwangerschapscontroles of een thuisbevalling. Het mooie aan Nederland, is dat een thuisbevalling mogelijk is. In veel Europese landen is de zorg simpelweg niet gebaseerd op thuis bevallen, daar moet elke vrouw naar het ziekenhuis.”

“Wanneer er een probleem optreedt tijdens de zwangerschap, gaat de eerstelijnszorg over in de tweedelijnszorg en kom je in een klinische setting. Je wordt dan als vrouw begeleid en opgevangen in het ziekenhuis. Voorbeelden van deze problematiek zijn zwangerschapsvergiftiging, diabetesafwijking tijdens de zwangerschap of een kindje wat niet goed groeit. Ik werk uitsluitend in de klinische setting, mij zul je dus niet snel tegenkomen als je een ongecompliceerde zwangerschap hebt.”

De klinische setting

“In de klinische setting houd ik mij bezig met het begeleiden van de zwangere vrouw bij problemen, het toedienen en in de gaten houden van medicatie en het controleren van de vitale functies. Er kunnen zich ook situaties voordoen waarbij een vrouw al vroeg in de zwangerschap problemen krijgt, waardoor een vroeggeboorte dreigt. Of een situatie waarbij het kindje in gevaar is. Dit zijn voorbeelden van acute situaties waarbij er snel gehandeld moet worden”, legt Sandra uit. “Daarnaast kunnen er zich ook acute problemen voordoen na de bevalling, zoals overmatig bloedverlies. Al deze gevallen worden behandeld in het ziekenhuis.”

Tegenwoordig kan een zwangere vrouw ook kiezen voor lachgas.

Lachgas: innovatie binnen pijnmedicatie

“Tijdens de bevalling heeft een vrouw keuze uit verschillende soorten pijnmedicatie, zoals de welbekende ruggenprik. Eén van de nieuwste innovaties op dit gebied is het gebruik van medicinaal lachgas, wat voor vijftig procent uit zuurstof bestaat en voor vijftig procent uit een medisch stofje waardoor vrouwen minder pijn kunnen ervaren. Een goede toevoeging op de al bestaande pijnmedicatie, waardoor vrouwen een wel overwogen keuze kunnen maken tijdens hun bevalling.”

Bad bevallingen

“Naast de keuze voor lachgas, zijn er tegenwoordig ook steeds meer vrouwen die in bad willen bevallen”, vertelt Sandra. “Bevallen in een bad kan thuis of in het ziekenhuis. Een badbevalling kan fijn zijn voor de zwangere vrouw, omdat het warme water ontspant en verlicht. Soms wordt ervoor gekozen om ook lachgas erbij te gebruiken. Andere pijnstilling zoals morfine of een ruggenprik is niet toegestaan. Dit is gevaarlijk omdat je suffig bent en geen controle hebt over delen van je lichaam. Overigens kan bevallen in een bad alleen wanneer er geen problematiek is tijdens de zwangerschap en wanneer deze ook niet verwacht wordt tijdens de bevalling. Hierdoor zie je mij hier niet zo heel snel.”

Opvallende casussen

De casussen die Sandra het mooist vindt, zijn de bevallingen zonder complicaties. Dit zijn unieke situaties voor een obstetrieverpleegkundige, dus Sandra komt dit minder vaak tegen. “Wanneer het er op lijkt dat een bevalling goed verloopt, ga ik vaak al door naar de volgende patiënt.”

“Soms is er echter een probleem bij moeder of kind. Dat kan lastig zijn, omdat ik het verdere verloop van de pasgeborene naderhand niet meer volg. Zeker in het ziekenhuis gaat iemand door naar een andere afdeling of naar huis. Als een baby langer in het ziekenhuis ligt, loop ik wel eens langs om te kijken hoe het met moeder en kind gaat.”

Werken in de obstetrie

Ben je na dit blog enthousiast geworden en heb je interesse in werken binnen de obstetrie? Sandra geeft nog wat tips waar je op kunt letten: “Het vak moet je liggen. Het is een specialistisch vakgebied en het is belangrijk dat je affiniteit hebt met moeder- en kindzorg. Ook moet je goed kunnen werken in teamverband om de beste zorg aan de patiënten te kunnen verlenen. Ik vind obstetrie een prachtig vak.”

Bekijk de vacatures

Heb je een vraag aan een van onze medewerkers?

Bel ons dan op 020 – 510 6754

Of stuur ons een bericht via: